spareribs bbq

Het geheim van perfecte spareribs bbq op jouw barbecue

Wat spareribs zo bijzonder maakt

Wie ooit spareribs heeft gegeten, herinnert zich de smaak vaak nog lang. Dit stuk vlees komt uit de ribbenkast van het varken. Het vlees is doorspekt met een beetje vet, waardoor het na bereiding heerlijk mals wordt. Tijdens het langzaam bereiden trekken kruiden en barbecuesaus diep in het vlees. Juist die combinatie van mals vlees en een knapperig, gekarameliseerd korstje maakt spareribs zo populair bij elke barbecue. Spareribs zijn perfect om te delen tijdens een feestje of gewoon op een vrije zaterdagavond.

De voorbereiding: marineren en kruiden

Voordat je spareribs barbecue klaar zijn, begint het avontuur in de keuken. Allereerst haal je het vlies van de bolle kant van de ribben. Dit zorgt dat kruiden en smaken goed kunnen doordringen. Daarna komt de marinering. Veel mensen kiezen voor een droge kruidenmix, de zogenaamde dry rub. Met zo’n rub bedek je de ribben helemaal. Gangbare kruiden zijn paprikapoeder, knoflook, peper, zout en soms wat bruine suiker. Je mag natuurlijk ook een natte marinade gebruiken of een zoete saus smeren. Laat de spareribs minstens een paar uur in de koelkast liggen. Nog beter is het om ze een hele nacht te laten rusten. Zo wordt de smaak echt intens.

Langzaam garen voor de beste smaak

Het echte geheim van spareribs bbq zit in de manier van bereiden. In tegenstelling tot een biefstuk die snel boven hete kolen ligt, moeten ribben langzaam garen. Dit noemt men low and slow. Dat betekent dat je de barbecue op een lage temperatuur houdt, meestal rond de 120 tot 130 graden. Leg de spareribs niet direct boven de kolen, maar aan de zijkant. Je mag wat vochtig hout toevoegen op de kolen voor extra rooksmaak, zoals appelhout of hickory. Tijdens het garen kun je de ribben af en toe bestrijken met saus. Na een paar uur — meestal tussen de vier en zes uur — zijn de spareribs klaar. Het vlees is dan zo zacht dat het bijna van het bot valt, en de korst is lekker kleverig.

Tijd om te genieten en tips voor serveren

Zodra de spareribs gaar zijn, is het tijd om te tafelen. Snijd de ribben los, zodat iedereen makkelijk een stuk kan pakken. De klassieke manier is om flink in de kluiven en te genieten van vieze vingers. Je kunt de spareribs serveren met maïskolven, aardappelsalade of een frisse koolsalade. Wil je variatie, dan zijn verschillende sauzen leuk om te proberen. Denk aan een pittige barbecuesaus, honingmosterdsaus of een saus met extra knoflook. De enige regel: vergeet vooral niet samen te genieten. Spareribs bbq draait om gezelligheid.

  • maïskolven
  • aardappelsalade
  • frisse koolsalade
  • pittige barbecuesaus
  • honingmosterdsaus
  • saus met extra knoflook

Veelgestelde vragen over spareribs bbq

Hoe lang moeten spareribs op de barbecue liggen?
Spareribs hebben meestal vier tot zes uur nodig op de barbecue. Dat lijkt lang, maar daardoor worden ze heerlijk mals.

Moet je spareribs eerst koken voordat ze op de barbecue gaan?
Sommigen koken ribben voor het barbecuen, maar bij de traag gegaarde manier is dit niet nodig. Het vlees wordt vanzelf zacht door de lage temperatuur en lange tijd op de barbecue.

Welke temperatuur gebruik je voor het bereiden van spareribs?
Voor langzaam garen is een temperatuur tussen de 120 en 130 graden ideaal. Zo blijft het vlees sappig en wordt het niet droog.

Hoe weet je of spareribs gaar zijn?
Spareribs zijn gaar als het vlees makkelijk loslaat van het bot, maar niet helemaal uit elkaar valt. Je kunt met een vork voelen of het vlees zacht is.

Wat is het verschil tussen een dry rub en een marinade?
Een dry rub is een mengsel van droge kruiden die je over het vlees wrijft. Een marinade is vloeibaar, vaak op basis van olie, azijn of saus, waar het vlees in wordt gelegd.

Scroll naar boven